Nummer 42, augustus 2008
FAN CHENGDA - DE VIER SEIZOENEN IN VELD EN TUIN

Vertaler Jan De Meyer

Boeren planten of zaaien in de lente, en met wat geluk oogsten ze ook wat in de herfst; 's zomers is het warm en 's winters is het koud; het moet niet te weinig regenen maar ook niet te veel; drinken is leuk en belastingontvangers zijn lastposten. Deze ogenschijnlijk alledaagse dingen zijn de bouwstenen van Fan Chengda's (1126-1193) beroemde gedichtencyclus De vier seizoenen in veld en tuin. De zestig korte gedichten geven gedetailleerde, concrete beschrijvingen van het landleven gedurende de opeenvolgende seizoenen binnen één jaar. Ze weerspiegelen Fan Chengda's scherpe observatievermogen en zijn gave om zich te verwonderen over de eenvoudige dingen van het leven en de natuur. Ook de religie heeft daarin zijn plaats. Het feest van Klaar-en-Helder, het offer aan de Aardgod, het Feest van het Koude Voedsel, Vaardigheidsavond, Midherfst en Dubbel Negen: het zijn de plechtigheden die eeuwenlang het Chinese plattelandsleven ritmeerden. Samen met de talloze verwijzingen naar groei en verval in de natuur geven ze deze verzameling gedichten haar spankracht, door het beeld van volledigheid en cyclische continuïteit dat ze oproepen.

 

nummer 41 | nummer 43